Het maken van alcoholprut

Het is erg eenvoudig een alcoholprut te maken. Een alcoholprut is een suikeroplossing waarvan de suiker omgezet is in alcohol. Bij een alcoholprut ga je echter niet uit van mout of druiven, maar van kristalsuiker. Lekker goedkoop en als je het gaat distilleren, maakt het voor de smaak niets uit.

Wat heb je nodig

  • een fles van minimaal 2 liter, maar 5 liter is al veel beter
  • een waterslot
  • soda
  • water
  • kristalsuiker
  • gist (bakkersgist voor ongeveer 6% of speciale gisten voor alcoholpercentages van wel 18%)
  • 1 kopje sinaasappelsap (of speciaal in de handel te verkrijgen gistvoeding)
  • citroenzuur

Waterslot

Een waterslot kun je bij bierhuizen, gespecialiseerde apothekers en dergelijke winkels kopen. Het is ook mogelijk een waterslot zelf te maken. De truc is om de gasbelletjes die bij de gisting vrijkomen, te leiden door water. Hierbij moet je ervoor zorgen dat er wel gas kan ontsnappen uit de fles, maar er geen lucht (zuurstof) de fles in kan.

Terug naar de tafel

Bepalen hoeveel suiker en water je nodig hebt

De verhouding suiker:water is afhankelijk van de grootte van de fles. Bedenk hierbij het volgende:

- Hoe kleiner de fles, des te slechter verloopt de vergisting.
- Hoe zoeter de oplossing, des te slechter verloopt de vergisting.

Ik gebruik een fles van 5 liter en los dan 1 kilo suiker op in ongeveer 3 liter water (1:3). Het eindresultaat is een oplossing van ongeveer 4 liter. Gebruik je een kleinere fles, neem dan de verhouding 1:4 of 1:5. Heb je een grotere fles, neem dan 1:2 of 2:3. Ik heb een recept gezien waarbij een oplossing gebruikt werd van 1:1, maar

dat lijkt me erg zoet en daardoor is er een grote kans dat de vergisting slecht verloopt.

Je moet er rekening mee houden dat de vergisting van je oplossing nogal ontstuimig kan zijn. Het kan de fles uitborrelen (hoogpolig tapijt + alcoholprut = ruzie). Vul een fles van 5 liter dus nooit tot de rand, maar tot ongeveer 4 liter. Een fles van 2 liter mag je maar vullen tot ongeveer 1 liter en een fles van 10 liter tot 8,5 liter.

Als het goed is, kun je nu bepalen hoeveel liter je kunt gebruiken en hoeveel suiker en water je nodig hebt.

Terug naar de tafel

De suiker oplossen

Het oplossen van de suiker gaat bij kamertemperatuur heel langzaam. Hoewel het niet nodig is dat alle suiker gelijk in het begin al opgelost is, is het koken van de suikeroplossing een goede manier om de suiker op te lossen. Als je het toch gaat koken, kun je er gelijk wat citroenzuur bij doen. Het citroenzuur zorgt er voor dat de suiker geïnverteerd wordt (van elkaar losgekoppeld). Hierdoor zullen de gistcellen de suiker makkelijker kunnen vergisten. Dit is niet nodig, maar het kan de vergisting versnellen. Als je de oplossing kookt, moet je het ook weer af laten koelen, want gist kan even tegen hoge temperatuur, maar niet te lang. Suikerwater koelt heel langzaam af, vandaar dat ik meestal het volgende doe:

Ik los de suiker op in 1 liter water en kook dat een paar minuten met een eetlepel citroenzuur. Als alles opgelost

is, meng ik er nog twee liter koud water bij en heb ik mijn 4 liter suikerwater op de goede temperatuur.

Dan moet je nog een beetje van iets toevoegen. Ik gebruik voor die vier liter een kopje sinaasappelsap. Een gist is een levend wezen en kan niet alleen leven van suiker. Gist heeft dus ook andere stoffen nodig. Eigenlijk maakt het niet zo veel uit wat je er bij doet, als er maar verschillende molekulen in zitten. Experimenteer eens met een stukje brood, een ei enz. Je kunt natuurlijk ook speciale gistvoeding kopen bij gespecialiseerde drogisterijen.

Maak de fles schoon met warm sodawater. Giet het suikerwater de schoongemaakte fles in, maar hou een kopje achter.

Terug naar de tafel

Gist starten

Neem het achtergehouden kopje suikeroplossing. Doe daarin de gist. Zoals bij de benodigdheden staat: kun je bakkersgist gebruiken, leuk voor de eerste keer. Wil je waar voor je geld en moeite dan moet je speciale gist kopen die veel hogere percentages bereikt. Laat het een tijdje staan bij kamertemperatuur en wacht een uur (of twee). Als het goed is, is de gist dan al flink bezig. De gist is zich nu aan het vermeerderen en de nieuw ontstane gistcellen zijn gewend aan jouw suikeroplossing. Ze kunnen zich in jouw suikeroplossing goed delen. Als je het geduld hebt om nog twee uur te wachten, doe dat dan. Anders doe de gist in je suikeroplossing.

Je hebt nu je gistende suikeroplossing. Deze laat je staan bij kamertemperatuur. Als het goed is gaan de gistcellen flink aan de slag in de eerste paar dagen. De activiteit neemt daarna af tot nul. Tijdens dit proces is het aan te raden de fles regelmatig te schudden (of

eigenlijk te zwenken). Hierdoor ontsnapt er veel koolstofdioxide en wordt eventueel suiker op de bodem alsnog opgelost. Het toevoegen van suiker halverwege kan ook en zorgt voor een hoger alcohol percentage aan het eind. Pas wel op tijdens het toevoegen van suiker en voeg niet te veel suiker toe.

Terug naar de tafel

Het werkt niet!

Dat kan. Soms lukt het niet. Gist is een levend wezen en soms willen ze gewoon niet. Als je suikeroplossing niet naar riool (dus bacteriën) stinkt, kun je de suikeroplossing nog een keer gebruiken. Start dan

 

gewoon nog een keer een hoeveelheid gist en probeer het opnieuw.

Terug naar de tafel

Wat nu?

Na een paar weken houdt het gistingsproces op en is alle suiker vergist. Deze alcoholprut kun je drinken. Het is niet lekker, maar ook niet ongezond. De alcoholprut kun je ook destilleren. Ga daarvoor terug

naar de tafel en klik op het borrelglaasje.

Terug naar de tafel